Sporten weer oppakken

Welkom!

Mijn motivatie om te sporten komt en gaat. Het zou fijn zijn als mijn motivatie veel langer bleef.

Afgelopen woensdag een nieuw sportschema laten maken. Aangezien ik een tijdje amper heb kunnen sporten, ligt de nadruk op apparaten met de bedoeling om straks meer met losse gewichten te werken. Ik weet dat het gebruik van losse gewichten beter is, omdat je meer spieren gebruikt om bijvoorbeeld in balans te blijven. Dat neemt niet weg dat ik het gebruik van apparaten fijn vind. De beweging is continu hetzelfde en daardoor makkelijker.

Nou ja, makkelijker… De trainer zorgt er wel voor dat het gewicht zo staat ingesteld dat het zwaar is en zwaar blijft. Op donderdag voelde ik mijn benen heel goed en vrijdag vooral mijn armen. Aankleden, haar borstelen en tandenpoetsen bleek een pijnlijke uitdaging!!! Stiekem geniet ik ook van de spierpijn. Het geeft mij ook een goed gevoel.ketlebell touw

Dat is het gekke. Sporten vind ik leuk en ook de spierpijn. Zonder spierpijn heb ik niet gesport. Daar mee bedoel ik niet de spierpijn dat je niet meer kan bewegen, maar als je je spieren aanspant dan moet je het wel voelen. Na het sporten ga ik met een goed gevoel naar huis en in gedachte ben ik dagelijks op de sportschool te vinden.

Dat is in gedachte! Er zijn dagen waarop ik mezelf moet dwingen om te gaan. Soms wint het stemmetjes dat zegt: “Ajoh, morgen weer een dag”. Alleen morgen komt nooit. Wat bij mij werkte was het vastleggen van de sport momenten in mijn agenda. Afspraak = afspraak. Dat ga ik straks weer doen. In de hoop dat ik snel weer in een goed ritme zit. Ik moet de gedachte vasthouden dat ik sporten leuk vind en dat ik na het sporten met een goed gevoel naar huis ga.

Groetjes,

Sandra

Deze blog heb ik op 14 juni 2015 geschreven

Advertenties

Ik word toch nooit slank

Welkom!

De zin “Ik word toch nooit slank” vliegt met enige regelmaat door mijn hoofd. Al heel mijn leven ben ik te zwaar en het is altijd een strijd geweest. Soms lijkt het er op dat het niet uitmaakt wat ik ook doe, slank worden zit er niet in.

Het is niet zo dat ik streef naar maat 36/38. Totaal niet. Met maat 46 ben ik al ik blij, al zou maat 44 leuker zijn. Mijn voeten zijn voor een vrouw groot, ik heb schoenmaat 44. Dus als ik kledingmaat 44 heb, dan heb ik dezelfde maat als mijn schoenen. Zelf had ik kledingmaat 56 en ik schommel een tijdje tussen 50 en 52.

Afvallen is theoretisch gezien simpel. Je moet meer verbranden dan je binnen krijgt. In de praktijk blijkt dat een stuk lastiger! Zo heb ik een dag en ook dagen waarop ik gezond eet, drink en beweeg en dan komt er een irritant stemmetje in mijn hoofd dat wint. Het stemmetje zegt en schreeuwt dat ik dat ene koekje, snoepje of handje chips gewoon kan eten. Wat maakt dat “ene” nou uit? Precies, dat “ene” maakt niet zoveel uit, maar bij mij word het gelijk een pak of zak! Daarna voel ik mezelf schuldig en daardoor wil ik nog meer eten. Waardoor het zinnetje “Ik word toch nooit slank” weer door mijn hoofd heen schiet. Daardoor verdwijnt ook mijn motivatie.

Waarom zou ik zo veel moeite doen om af te vallen als ik toch nooit slank word? Sporten vind ik leuk, maar ook dat maakt niet uit als het zinnetje door mijn hoofd schiet. Het liefst ga ik in een hoekje zitten met een deken over me heen, zodat niemand mij ziet. Dat werkt niet! Het zorgt er juist voor dat ik nog meer ga eten. Dat is het enige dat over blijft om te doen.

Er is iets in mij dat ondanks alles toch naar boven komt en roept: “Kom op Sandra, door gaan. Je kunt het en het gaat je lukken. Geef niet op!” Dat stemmetje wil ik vaker horen. Het stemmetje dat zegt dat ik nooit slank zal worden, moet er uit. Ik vind sporten leuk en gezond eten is lekker, dus wat is het probleem? Het probleem is het negatieve stemmetje in mijn hoofd, dat er in loop der jaren in is geslopen en steeds het gevecht won. Het wordt tijd dat het negatieve stemmetje gaat verliezen en meer ruimte geeft voor de positieve stemmetjes.

Slank zal ik misschien niet worden, maar wel fitter en vooral gezonder. Dat is voor mij belangrijker dan slank worden.

Groetjes,

Sandra

Deze blog heb ik op 9 juni 2015 geschreven